permalink

0

Waarom zou de betovering van literatuur beperkt blijven tot een kleine groep?

Nieuwwij“Ik wil wel meedoen, maar ik heb de woorden niet.” Die uitspraak deed een vmbo-scholier tijdens een jongerendebat. Het ging niet alleen om een gebrek aan woordenschat en taalvaardigheid, het ging om meer: zijn gevoelens, gedachten en ideeën kunnen uiten. Het ging om geletterdheid. Een vaardigheid die hij zou kunnen oefenen door meer lezen en schrijven. Maar hoeveel vanzelfsprekende stimulering en kansen krijgen vmbo-ers hiervoor?  

Er is een verschil tussen woordenschat, taalvaardigheid, en het vermogen dit naar een hoger plan te tillen. Een citaat van schrijver Antoine de Saint-Exupery (1900-1944) luidt als volgt: “Als je een schip wilt bouwen, roep dan geen mannen bij elkaar om hout te verzamelen, het werk te verdelen en orders te geven. In plaats daarvan, leer ze verlangen naar de enorme eindeloze zee.” Een variant hierop: als je jongeren taalvaardiger wilt maken, roep ze dan niet alleen bij elkaar om woorden te leren en grammaticale regels erin te stampen. Laat ze in plaats daarvan kennis maken met de kracht van taal. Leer ze te verlangen naar de wereld van de verbeelding en verhalen, de magie van het creëren van werelden door woorden.

Filosoof Peter Bieri schreef in zijn publicatie Hoe willen wij leven?: “Door een fictief verhaal te ontwikkelen probeert een auteur te ontdekken hoe hij de wereld en zichzelf precies ervaart.

(…) Dit verklaart ook onze onverzadigbare behoefte aan fictieve verhalen: we voelen dat we daarin meer over de binnenwereld van mensen te weten komen dan door verslagen over echte gebeurtenissen. Fictieve personages nodigen, juist doordat ze die bijzondere literaire gecomprimeerdheid bezitten, uit tot identificatie en afgrenzing, en daardoor worden ze een medium van zelfkennis. Zou ik hetzelfde doen? Zou ik ook uitbreken, zoals Madame Bovary?”

Voor havo- en vwo-leerlingen zijn er mogelijkheden om over dergelijke vragen na te denken. Door landelijke projecten als de Inktaap, de Dag van de Literatuur en talloze andere initiatieven op lokaal niveau. Opvallend weinig is er voor vmbo-leerlingen. Door de recente discussies over zwarte en witte scholen en de segregatie (die bij beide scholen voorkomt), moest ik denken aan die andere vorm van gescheiden werelden in het onderwijs. Namelijk de toegang tot de werktuigen en middelen die ons stimuleren onze verbeelding te gebruiken door woorden.

Voor vmbo-ers was er lange tijd weinig tot geen aanbod, een duidelijk hiaat. Tot enkele jaren geleden de verhalenwedstrijd ‘Er Was Eens’ het licht zag, een initiatief van Passionate Bulkboek. Welke groep leerlingen schrijft samenwerkend het beste verhaal? Daar gaat het om bij deze tweejaarlijkse verhalenwedstrijd, ontwikkeld in 2012 vanuit de wens om een educatief-literair project aan te bieden voor vmbo-leerlingen tussen de 12 en 15 jaar (basis- en  kaderleerwegen).

Er Was Eens doet een beroep op de creativiteit van leerlingen. Ze lezen eerst als groep een boek. Daarna wordt hen gevraagd of dit hen heeft geïnspireerd om hun eigen verhaal te vertellen. Schrijvers van jeugdboeken verzorgen gastlessen en reiken handvatten aan voor het schrijven van een verhaal.

Zoals bij alle wedstrijden kan er maar een de winnaar zijn – een feestelijke gebeurtenis op de winnende school -, maar uiteindelijk worden alle inzendingen gebundeld en verspreid onder de deelnemende scholen. De prijs is een boekenkast met 10 leesboeken voor elke leerling die meewerkte aan het winnende verhaal. De gedachten hierachter: veel vmbo-leerlingen hebben thuis geen leesboeken. Dan heeft het impact als niet alleen de boeken, maar ook de kast erbij geleverd wordt.

Een medewerker van Er Was Eens: ‘Alle mooie, leuke dingen op taalontwikkelingsgebied zijn altijd voor de hogere niveaus in het onderwijsgebied, die al goede taalontwikkeling hebben. Ja, er zijn meer doeners op het vmbo, maar dat wil niet zeggen dat ze überhaupt geen interesse hebben in verhalen. Als je aan een klas vmbo’ers vraagt wie er thuis werd voorgelezen, steekt niemand zijn hand op. Maar vraag bij wie er thuis verhalen worden verteld en ze zeggen allemaal ja.’

‘Docenten zeiden: “Hè hè, normaal is het altijd alleen voor de gymnasiumleerlingen. Nu hebben we eindelijk ook iets voor vmbo-leerlingen.” En in plaats van een opgeheven vinger als het gaat om taalvaardigheid, worden de leerlingen serieus genomen. VMBO-leerlingen zijn in de literatuur en verhalenwereld een vergeten groep. Eigenlijk geef je ze dan geen kans. Het werkt niet motiverend als alle leuke dingen altijd maar naar het havo en vwo gaan. Het aanbod is scheef.’

Taal: mogelijk de grootste uitvinding van de mens. Taal: hét middel om op onszelf te reflecteren, gevoelens onder woorden te brengen, aan zelfexpressie te doen. Taal: de brandstof voor ons verbeeldingsvermogen en het vertellen van verhalen.

Wat jongeren ook gaan doen in hun leven, welke ambities of stappen ze ook zullen ondernemen, het begint met taal en verhalen, met woorden dus.  Waarom zouden we de ene groep dan wel de beste tools geven om dit te ontwikkelen en de andere niet?

Shantie Singh is bestuurskundige en schrijfster. Eind 2014 kwam haar debuutroman ‘Vervoering’ uit (uitgeverij De Geus), een familiekroniek over vier generaties verspreid over drie continenten (India, Suriname, Nederland).

 

Deze column verscheen in juni 2015 op Nieuwwij.

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Required fields are marked *.


background