permalink

0

Reiscolumn 3 – Dan blijft het zo

Column Shantie Singh: Dan blijft het zoShantie Singh verblijft op dit moment op uitnodiging in Suriname om daar presentaties te geven over haar boek Vervoering. Over haar indrukken en belevenissen daar houdt ze een reiscolumn bij.

‘Dan blijft het zo.’ Dat zijn de woorden waarmee mijn schoonmoeder een telefonisch gesprek afsluit. Andere mensen met een Surinaamse achtergrond heb ik hetzelfde horen doen. Door die woorden weet ik dat het een prettig gesprek was. Het is alsof ze de woordenstroom stopt op het mooiste moment, het even markeert, en het liefst wil vasthouden tot het volgende gesprek.

Op reis in Suriname lijkt mijn schoonmoeder soms tegen het land te willen zeggen: waarom ben je niet zo gebleven als in mijn herinnering? Ook mijn ouders betrap ik hierop. Aan de ene kant vinden ze het spannend om veranderingen te zien, aan de andere kant roept het een gevoel van melancholie op. Ik zie ze staren naar bepaalde plekken in de stad. Alsof ze het huidige stadsbeeld in een lijstje willen stoppen om rustig te vergelijken met de beelden in hun hoofd. Veranderingen kunnen vermoeiend zijn. Beweeg je mee en pas je je aan, of blijf je nukkig vasthouden aan vervlogen tijden.

Als ik in het Nationaal Archief in Paramaribo sta om mijn boek Vervoering te presenteren, begrijp ik de behoefte om beelden te willen vastzetten. Niet alleen de aanblik van een volle zaal doet me iets. Ook de gezichten van mijn familieleden; prachtige ankerpunten in de zaal. Mijn slimme en mooie nichtjes die je urenlang kunnen vermaken met hun weetjes en inzichten. Mijn neven die stuk voor stuk intelligent zijn, maar bovenal opvallen door hun warme persoonlijkheid. Mijn tantes, die sinds mijn jeugd een bron van inspiratie zijn door hun wonderlijke aanwezigheid in brieven en telefoontjes. De dochter van mijn nicht die tijdens het signeren van de boeken (die goddank op tijd langs de douane kwamen) niet van mijn zijde wijkt en daarom vrolijk op alle foto’s prijkt.

Na de presentatie rijden we met mijn nicht en zwager naar een Chinees afhaalrestaurant om eten te halen. We stoppen bij het appartement van mijn ouders. Op het enorme terras zit de rest van de familie. Er blijken muziekinstrumenten te zijn, en mijn zwager begint te zingen. De afterparty is begonnen. Het roept een gevoel in me op dat ik in een potje wil stoppen. Voor even wil ik de tijd stilzetten. Het moment vastleggen en de essentie daarvan ontleden. Als een wetenschapper wil ik weten wat het is dat me zo raakt.

Er zijn veel teksten verschenen over Hindoestaanse Nederlanders die zich nergens meer helemaal thuis voelen. Niet in Nederland, niet in Suriname en niet in India. Denk bijvoorbeeld aan het boek Paramaribo van Anil Ramdas. Maar er is ook een andere kant: je nergens helemaal thuis voelen, betekent ook dat je je overal een beetje thuis voelt. En een beetje ‘thuisgevoel’ op drie continenten kan genoeg zijn. Sterker nog, met een beetje thuisgevoel in verschillende landen valt volgens mij heel goed te leven. Ik realiseer het me dit als ik mijn vader met gemak zie rijden door de straten van Paramaribo. Hij woont inmiddels al het grootste deel van zijn leven in Nederland, en toch weet hij hier – ondanks alle veranderingen – nog steeds goed de weg. Hij rijdt links alsof hij niet anders gewend is. Het idee dat ik me in een ander land aan de andere kant van de oceaan ook kan redden, me zelfs een beetje thuis kan voelen, is heel geruststellend.

Mijn reis in Suriname is een aaneenschakeling van talloze indrukwekkende momenten die ik zou willen vasthouden. Even wil ik tegen het land zeggen: dan blijft het zo.

 

Deze reiscolumn is gepubliceerd op de website van uitgeverij De Geus

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Required fields are marked *.


background