permalink

0

Over de comeback van de sits – verhalen & mode

sitsHoe vaak heb ik niet gestaard naar de kleding in mijn moeders koffer waarmee ze jaren geleden de oceaan overvloog om een nieuw leven te beginnen in Nederland? Gefascineerd was ik door de waarde en historie die de kleding van vroeger met zich meedroeg. Als kleding eens kon vertellen! Kleding ziet en voelt alles, maakt alles mee wat de drager beleeft. Mode heeft mijn aanhoudende interesse. Kledingstukken zie ik als de meest in het zicht springende objecten die kunnen vertellen over de tijdgeest.

Ik was dan ook verheugd toen ik door het Indian Film Festival The Hague gevraagd werd een column te schrijven over mijn ontmoeting met Madelief Hohé, sinds 2003 mode-conservator bij het Gemeentemuseum Den Haag. Ook zij is erdoor gegrepen: “Mode is een heel fijn instrument. Het vertelt wat er in de maatschappij gebeurt. Wanneer kon je als vrouw bijvoorbeeld een broek gaan dragen? En er zit uiteraard ook een hele mooie esthetische kant aan.”

Kledingstukken kunnen een historisch mysterie met zich meedragen. Hohé toont me als illustratie hiervan de sits uit de 18de eeuw. In het Gemeentemuseum tentoongesteld in de vorm van een jak en rok, gedrapeerd om een paspop. Sits zijn afkomstig uit India en in dit geval gemaakt van hand geschilderd katoen. Op de getoonde sits staan motieven met dieren afgebeeld in frisse, heldere kleuren. Abstracte motieven komen ook voor, of afbeeldingen waarop mensen te zien zijn.

Al kijkend naar het kledingstuk hoor je de echo’s van tevreden gelach uit de 18de eeuw. Wie deze kleding specifiek heeft gedragen, is niet meer te achterhalen. Wel is Hohé er zeker van dat het ontzettend leuk moet zijn geweest om in zoiets moois rond te lopen. “Ik denk dat het met veel plezier gedragen is.”

In het West-Europa van de 18de eeuw was status voor de elite heel belangrijk. Je toonde (ook toen al) wie je was aan de hand van je kleding. De Indiase sits waren erg geliefd en kostbaar. Dit vloeide voort uit de Nederlandse handelscontacten. Men vond het interessant om exotische stoffen te dragen en verhandelen. Dit was niet overal zo. In Frankrijk bijvoorbeeld werd de eigen zijde-industrie beschermd, en ging de deur ging op slot voor wat van buiten kwam.

Een nieuwe partij sits werd breed aangekondigd in de krant. De trendsetters van toen waren de VOC-handelaars die terugkwamen met alle nieuwe textiel. De specifieke Indiase sits-stof werd echt gemaakt voor de West-Europese markt als handelsproduct. In India werd het niet gedragen, in tegenstelling tot Nederland waar het enorm populair werd. Mensen lieten zich er zelfs in portretteren. Katoen was prettig te dragen voor zowel vrouwen, mannen als voor kinderen omdat het wasbaar is. Zijde kan je eigenlijk niet wassen. Hohé: “We hebben ook een paar jakken van katoen die met wol gevoerd zijn. Eigenlijk heel onlogisch, maar het was zo modieus dat mensen het ook in een slechter jaargetijde wilden dragen.”

De sits kennen door de tijd heen verschillende dragers. Voor de Franse revolutie was mode echt alleen voor de elite. Na de revolutie werd het breed verspreid onder de bevolking. Na de 19de eeuw zijn sits niet echt meer in de mode, maar maakt het verrassend genoeg steeds meer onderdeel uit van Hollandse streekdracht.

De sits maken een come-back naar high fashion in de 21ste eeuw. Op zoek naar inspiratie verwerkt het ontwerpersduo Viktor & Rolf sits-motieven in nieuwe designs. Ook het merk Oilily is dol op de bonte stoffen.

Toch is de oorsprong van de sits op de achtergrond geraakt. Het bijzondere van de sits is dat het ooit via de handel vanuit India in Nederland terecht is gekomen, om hier zo in te burgeren dat het zelfs folklore is geworden. Sits-motieven worden door velen gezien als typisch Nederlands.

Hohé: “Net zoals de tulp ook niet Nederlands is, maar inmiddels lang en breed met Nederland geassocieerd, hebben we ons de sits eigen gemaakt. Maar het is juist zo interessant om de echte bron te kennen. De sits illustreren de verwevenheid van de Nederlandse en Indiase geschiedenis en vormen daarmee een mooie brug tussen Nederland en India.

Mode is een krachtige kunstvorm. Het is creativiteit, beweging, vorm en verhaal in een. Individueel maar ook grensverleggend. Mode wil gezien worden. Het toont wie we zijn of in ieder geval welke versie we van onszelf willen delen met de buitenwereld. De geschiedenis van de sits illustreert dit perfect met haar vele dragers. Van het mooiste van de elite, tot klederdracht, en uiteindelijk weer high fashion. Een ding is zeker: voor de sits is het universele mode-verhaal nog lang niet uitverteld.

 

Over Madelief Hohé:

Madelief Hohé heeft in Leiden kunstgeschiedenis gestudeerd met een specialisatie in mode. Sinds 2003 is zij conservator mode in het Gemeentemuseum Den Haag en is mede-verantwoordelijk voor talloze tentoonstellingen.

Dit artikel is gepubliceerd in het Magazine van het Indian Film Festival 2015.

 

facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Required fields are marked *.


background